Imprimer

Société des Missions Africaines –Province de Hollande

SEVRIENS Harrie né le 28 juin 1906 à Echt
dans le diocèse de Roermond, Hollande
membre de la SMA le 29 juillet 1928
prêtre le 19 décembre 1931
décédé le 30 avril 1968

1932-1933 Nieuw Herlear, professeur
1933-1959 missionnaire en Gold Coast
Koforidua, Accra, Tarkwa, Takoradi
Asankrangwa, Enchi, Eikwe
1960-1968 Simpleveld, aumônier de religieuses

décédé à Heerlen, Hollande, le 30 avril 1968,
à l'âge de 62 ans


Pater Harrie SEVRIENS (1906 - 1968)

Afkomst.

Henricus Hubertus Sevriens, zoon van Leonardus Hubertus Se¬vriens (+ 7.12.1947) en Cornelia Hubertina Vos (+ 14.07.1936), werd geboren te Echt op 28 juni 1906 en daar gedoopt in de parochiekerk van de H. Landricus. Harrie noemden ze hem. Het gezin Sevriens had een klein boerderijtje en daarbij werkte vader op een molenaarsbe¬drijf. De jongste dochter, getrouwd met Rooijackers, is op het ouderlijk huis gebleven, waarin ook de oudste ongetrouwde dochter woonde. Harrie had verder nog vier b¬roers, van wie zijn tien jaar oudere broer Jan hem voorgegaan was naar het seminarie. Ook voor hen was in het ouderlijk huis een kamer gereserveerd. Een andere broer is jarenlang koster geweest van de St. Landricuskerk te Echt.

Opleiding.

Na de lagere school te Echt ging Harrie, evenals vóór hem zijn broer Jan, naar het missie-seminarie te Cadier en Keer en wel in 1919. Daarna ging hij in 1926 naar Chanly voor de philos¬ophie en werd hierna, aan het eind van zijn noviciaat, op 29 juli 1928, lid van de Sociëteit. Nog één jaar studeerde hij theolo¬gie te Bemelen en ging daarna naar Hastings, waar de S.M.A. een huis gekocht had als seminarie, en waar Harrie van 1929 tot 1932 theologie studeerde. Tijdens zijn vierde jaar, op 19 december 1931, werd hij te Hastings door Mgr. Amigo priester gewijd.

Missionaris.

Na zijn priesterwijding werd pater Harrie Sevriens, evenals toentertijd zijn broer Jan, eerst benoemd als leraar in de opleiding van priesterstudenten. Hij ging naar huize Nieuw-Herlaer te St. Michielsgestel.

Het jaar daarop reeds ontving hij zijn benoeming voor de missie. Op 29 september 1933 vertrok hij naar Afrika, naar het vicariaat van Cape Coast in de Goudkust, dat in die jaren het hele zuidelij¬ke deel van het land tot aan de Volta rivier omvatte. Na aankomst werd hij benoemd voor de missiepost van Koforidua. Daar ontmoette hij pater Sjeng Lemmens uit Gulpen, die zijn eerste missie-overste/ pastoor werd. In Kofori¬dua werd pater Sevriens belast met het uitgebreide district in de 'Eas¬tern region'.

In 1938 ging hij op vakantie naar Nederland en kwam, na terug¬keer in 1939, nog even terug in Koforidua tot de komst van de S.V.D. paters uit Amerika, die geleidelijkaan Accra en de oostelijke provincie zouden overnemen.

In juni 1939 werd Harrie Sevriens overgeplaatst naar Tarkwa. Tijdens de oorlog was hij pastoor in deze mijnplaats. Hij ging in 1947 op vakantie naar Nederland en kwam in 1948 weer terug in Tarkwa om zijn werk voort te zetten. In deze plaats heeft hij in die jaren gewerkt aan de bouw van de kerk. Harrie was een sjouwer en bouwer in de zin dat hij graag zaken deed, bouwer wilde zijn, en steeds pro¬beerde goede¬ren zo goedkoop moge¬lijk in te kopen, of proberen los te peuteren bij zijn 'vrien¬den' van de mijn, of van andere euro¬pese zakencontacten, soms op het vrijpostige af. Het ontbrak deze missionaris, vurig van karakter, soms wel eens aan de nodige tact. Een kerk bouwen kostte veel geld en dan waren er nog de scholen en bui¬tensta¬ties. Hij had nogal wat geld nodig, gezien de veelzijdi-ge noden en behoef¬ten.

Eind 1953 ging hij opnieuw op vakantie. Na zijn terugkeer in 1954 was hij eerst een half jaartje te Takoradi. Hij assis¬teerde Theo Görtz bij het uitzetten van de fundamenten voor de nieuwe kerk in deze recent geopende hoofdstatie. Zijn benoe¬ming was toen voor het district van Asankrangwa om de opening van Enchi als hoofdstatie voor te bereiden. Dit bracht hem in conflict met het bisdom, want voordat dat offi¬cieel tot ope¬ning van deze plaats als hoofdstatie besloten had, was Harrie Sevriens daar reeds residerend aanwezig. Daar vierde hij ook zijn zilveren priesterjubileum in december 1956.
In maart 1957 ging de overste van Eikwe op vakantie, en werd Harrie benoemd tot overste van die statie, waar hij Leo Op 't Hoog aantrof als assistent. Het jaar daarop werd Enchi offi¬cieel door pater Frans Ramakers geopend, doch het voorberei¬dend werk was reeds gedaan.

Eikwe was in die jaren geen begeerde statie: een kleine paro¬chie, Nzema-sprekend, veraf gelegen met slechte verbindingen en dito vervoersmogelijkheden. Toch had hij zich snel aange¬past. Er was een klein missie-ziekenhuisje en hij had zich plaatselijk onder het onderwijzend personeel al gauw een paar vrienden gemaakt, waarmee hij na werktijd menig uurtje door¬bracht. En .... er moest gebouwd worden: naast het ziekenhuis een bunga¬low voor een dokter.

Helemaal voor de wind ging het echter niet met Harrie. Hij had goed werk gedaan: was mis¬schien wat ijdel en op¬schep¬perig over eigen kunnen, en lawaaierig en ongepolijst in zijn omgang met medewerkers en gelovigen, maar hij was een sjouwer en een harde werker: hij had meer praktische dan intellectuele aan¬leg. De jaren en het werk hadden hun tol geëist. Het waren tropen¬jaren en hij dreigde een tropenoffer te worden. Daarbij kwam nog het snel verande¬rende politieke klimaat. In 1959 ging hij op vakantie naar Nederland.

Na overleg tussen het bisdom en de provinciaal werd er uitein¬delijk beslo¬ten dat het voor Harrie beter zou zijn in Europa te blijven, hetgeen zeker een nieuw offer voor deze robuuste missionaris betekende. Hij ontving dit bericht nagenoeg aan het eind van zijn vakantie. Hij maakte zich geen zorgen over zijn toekomst en vol zelfver¬trouwen liet hij de provinciaal weten, dat hij wel wat zou vinden. Nu moest hij zich wel een heel andere levens-stijl eigen maken en wennen aan het neder¬lands leefklimaat.
2Drie maanden nadat hij vernomen had dat terugkeer naar Afrika voor hem uitge¬slo¬ten was, schreef hij naar de provin¬ciaal dat
hij benoemd was tot rector van de Zusters van het Arme Kind Jezus in huize "Loreto" te Simpelveld.

Tijdens zijn vakantie had Harrie reeds gelden verzameld voor zijn missie. Enige tijd na zijn definitieve vestiging te Simpelveld, maakte hij dit missiegeld over naar de parochie Eikwe voor de buitenstatie Beku, waar ze een kerkje aan het bouwen waren (schrijver dezes was daarmee toen belast!).

Gestorven.

Acht jaar heeft Harrie nog bij de Zusters te Simpelveld mogen dienst doen. Doch de laatste paar jaar werd het steeds meer sukke¬len met zijn gezondheid. Enkele maanden voor zijn dood werd hij opgenomen in het St. Jozef-zieken¬huis te Heer¬len, waar hij op 30 april 1968 overleed, 61 jaar oud.

De overledene had de wens geuit begraven te willen worden op het kerkhof van het kloos-ter "Huize Loreto" te Simpelveld, wat ook geschiedde en wel op de 3de mei, waarbij, behalve de hele klooster¬gemeenschap, ook familie, collega's en beken¬den aanwe¬zig waren.

Bronnen:
- Archief Nederl. Provincie S.M.A., Cadier en Keer.
- J. ter Linden in 'Onze Krant', juni 1968.