Imprimer

Société des Missions Africaines – Province de Hollande

DANKERS Laurens né le 10 août 1900 à Tilburg
dans le diocèse de s-Hertogenbosch, Hollande
membre de la SMA le 31 juillet 1921
prêtre le 25 mars 1925
décédé le 18 septembre 1951

1925-1951 Missionnaire en Côte de l’Or et au Togo

décédé à Abidjan, Côte-d'Ivoire, le 18 septembre 1951,
à l’âge de 51 ans


Le père Laurens DANKERS (1900 - 1951)

A Abidjan (Côte-d'Ivoire), le 18 septembre 1951, retour à Dieu du père Laurent Dankers, à l'âge de 51 ans.

Laurens Dankers naquit à Tilburg, dans le diocèse de Bois-le-Duc, en Hollande, le 10 août 1900. Il fit ses études à Keer, Chanly, Lyon et Bemelen. Il fit le serment en 1921 et fut ordonné prêtre en mars 1925. En octobre suivant, le père Dankers partait pour le vicariat de la Basse Volta.

Il travailla successivement à Keta, Dzlukofe, Dzodze, Denu et Likpe-Mate, où il se dévoua surtout dans le ministère dans les stations secondaires. Sa grande œuvre fut la création du district d'Abor, où il resta douze ans. Tout fut son œuvre, tout, c'est-à-dire l'église, la résidence et les écoles. Il a fait des milliers de kilomètres à pied pour visiter les stations secondaires de son district. Il avait une santé de fer et fut toujours un missionnaire zélé, humble et obéissant.

En 1945, le père Dankers passait au vicariat de Lomé (Togo) où il dévoua dans les stations de Tsévié, Assahoun et Noépé. Son dernier travail fut la construction du futur noviciat des Sœurs autochtones à Noépé.

Une grave maladie de foie obligea le père Dankers à venir à Lomé se faire hospitaliser. Après un mois d'hospitalisation, on décida son retour en Europe. Il mourut à Abidjan, sur le chemin du retour; il y fut inhumé. Il nous laisse l'exemple de sa vie, sa joie, son amour du travail, son sourire, sa patience et son attachement aux âmes.


Pater Laurens DANKERS (1900 - 1951)

Afkomst.

Laurentius Martinus Cornelius Dankers, zoon van Ferdinandus Dankers (+ 8.3.1943) en Josephina Wouters (+ 8.10.1947), werd geboren te Tilburg op 10 augustus 1900 en gedoopt in de paro¬chie Heike, Tilburg. Mogelijk heeft hij zijn naam te danken aan de kalender-heilige van die dag. Uit de beschikbare gege¬vens leid ik af dat hij één broer en meerdere zussen had. Inder¬tijd woonde de familie in de Lange Nieuwstraat nr. 193.
Lou, zoals hij genoemd werd, heeft te Cadier en Keer in okto¬ber 1913 het H. Vormsel ontvangen, toegediend door de Algemeen Overste Mgr. Pellet.


Opleiding.

Na de lagere school in Korvel, Tilburg, ging Lou naar Cadier en Keer in 1912. Hij deed zijn philosophie na de oorlog in Chanly, België (1919 - 1921), en sloot deze studie af met het afleggen van de eed op 31 juli 1921. De eerste twee jaar van de theolo¬gie heeft Laurens nog gemaakt in Lyon, doch de laat¬ste twee jaar hiervan in het toen geopende seminarie te Beme¬len. De priesterwijding vond plaats in de kapel van het semi¬narie te Roermond door Mgr. Laurentius Schrijnen, op 28 maart 1925.

Missionaris.

Op 16 oktober 1925 vertrok pater Dankers vanuit Marseille naar Afrika. Hij was benoemd voor het vicariaat van de Beneden Volta, dat twee jaar ervoor was opgericht en toevertrouwd aan de nieuwe nederlandse S.M.A. provincie. Pater Dankers werd na aankomst in november 1925 benoemd tot assistent in Keta, waar hij drie jaar verbleef en evenzoveel oversten heeft gehad, t.w. de Elzassers Reymann en Heck en de Echtenaar Jacques Geurts. Van Keta uit bezocht hij de buitenstaties waaronder Abor. In september 1928 werd pater Dankers benoemd om Abor te openen als hoofdstatie. Kerk, missiehuis en school zijn daar in zijn tijd gebouwd. In april 1930 ging hij op ziekteverlof naar Nederland. Na zijn terugkeer, in januari 1932, ging hij opnieuw naar zijn missiepost in Abor en bleef daar tot 1937.

Na terugkeer van zijn tweede vakantie in Europa heeft hij achter¬eenvolgens gewerkt in Dzelukope, Likpe Mate, Denu en opnieuw Dzelukope.

In april 1945 is hij, op verzoek, overgegaan van Brits Togo naar Frans Togo, waar een enorm tekort was aan missionarissen, mede vanwege de dienstplicht van de franse missionarissen.
Pater Dankers werd benoemd tot overste in Tsévié. Na zijn derde over¬zeese vakantie werd hij benoemd voor Assahun en sinds juni 1949 was hij overste van Noépé, waar hij het toe-komstig noviciaat van de inlandse zustercongregatie bouwde.

In 1951 werd hij ziek. Van 7 tot 11 augustus had hij nog deelgenomen aan de jaarlijkse retraite, hoewel hij er niet gezond uitzag en reeds pijn had. Spoedig daarna is hij opgeno-men in het ziekenhuis. Reeds op 2 september schreef aartsbis¬schop Joseph Strebler van Lomé aan de provinciaal dat hij de toestand van pater Dankers somber inzag: leverziekte.

Gestorven.

De 5de september schreef Mgr. Strebler opnieuw. Hij had de dokter gesproken en die gaf geen enkele hoop, doch dacht dat de patiënt Kerstmis nog wel zou halen. Hij adviseerde repa¬triëring in de ziekenafdeling van de s.s. 'Foucauld', die geboekt stond om op 13 september vanuit Lomé te vertrekken.
Mgr. Strebler schreef:
"Il est évident que le Docteur ne peut pas et ne veut pas garder son malade à l'hôpital pendant trois mois et plus".

Het schip zou de 26ste september in Bordeaux aankomen. Mgr. Strebler was al aan het regelen dat de HWAL dan de zieke verder zou vervoeren naar Antwerpen, zodat hij van daar uit recht¬streeks naar het ziekenhuis in Tilburg gebracht zou kunnen worden, dicht bij zijn familie. Voor diens vertrek had Mgr. Strebler nog de zieken¬zal¬ving aan pater Dankers gegeven en de paters in Abidjan en Conakry bericht gestuurd hem aan boord te komen bezoeken. Hij schreef op 12 september 1951 aan provinci¬aal Mondé:
"Je lui ai donné l'extrême Onction hier soir. Ce matin, je l'ai trouvé en excellente forme, assis dans le fau¬teuil fumant une sigarette et buvant un verre de bière avec le Commandant de Tsévié, son ami".

Het aan boord gaan op 13 september 1951, 's morgens rond 10 uur, was zeer moeilijk. Het bootje kon ternauwernood door de zeer sterke bran¬ding komen. Drie paters brach¬ten pater Dankers aan boord van het schip. Mgr. Strebler bleef op de kade "comme je n'ai pas le pied marin". De dokter schrok van de toestand van de zieke en wilde hem eigenlijk terugsturen naar de wal als de zee niet zo verschrikkelijk ontstui¬mig was geweest. Uiteindelijk werd besloten de zieke pater mee te nemen tot de volgende haven, die het schip zou aandoen: Abidjan in de Ivoorkust, twaalf uur varen van Lomé. Pater Arie de Kok ging tot zover met hem mee. Een paar dagen later schreef Mgr. Stre¬bler naar provinci¬aal Mondé:
"Je suis navré de cet incident, qui me fait bien regret¬ter que nous n'avons pas une maison de repos pour nos braves Pères malades où ils puissent mourir en paix. Etre obligés d'intégrer l'hôpital pour être soignés et en sortir quand cela plaît au Docteur, est une situation qui me peine plus que je ne saurais le dire".

In Abidjan werd pater Dankers meteen naar het ziekenhuis gebracht en verzorgd door de zusters van O.L. Vrouw van de Apostelen, daarin bijgestaan door pater de Kok. Op 18 septem¬ber 1951, 's morgens om 4.10 uur is hij gestorven na een lange, zware doodsstrijd. Hij werd 51 jaar. De paters Kok en Chirol, S.M.A. Visitator in de Ivoorkust, en enkele OLA zus¬ters waren hierbij aanwezig. Het overlijdenscertificaat, getekend door de 'Médecin Commandant des Troupes Coloniales' in Abidjan, ver¬meldt als doodsoorzaak: 'cirrhose atrophique du foie - ca¬chexie terminale'.

Op 19 september 1951 heeft pater Arie de Kok de plechtige uitvaartmis opgedragen, geassisteerd door twee inlandse pries¬ters en met pontificale assistentie van Mgr. Boivin.

Bronnen:
- Archief Nederl. Provincie S.M.A., Cadier en Keer.
- N. Douau: Biographies Missions Africaines 18.09.1951.
- J.v.d. Kooij in Afrika Ontwaakt 1951, pg. 151