Imprimer

Société des Missions Africaines –Province de Hollande

MEERTENS Laurent Frère Jean
né le 13 mars 1891 à Mheer
dans le diocèse de Roermond, Hollande
membre de la SMA le 13 octobre 1913
décédé le 6 novembre 1966

1913-1920 Lyon, employé à la maison
1920-1959 missionnaire en Egypte
1952 chevalier dans l’ordre des Palmes académiques
1960-1966 retiré à Oosterbeek
1966 accident de voiture

décédé à Arnhem, Hollande, le 6 novembre 1966,
à l'âge de 75 ans


Pater Laurent MEERTENS (1891 - 1966)

Afkomst.

Laurent Meertens is een van de minst gekenden in de nederland¬se S.M.A. provincie. We weten, dat hij op 13 maart 1891 gebo¬ren werd te Mheer in Zuid-Limburg en dat hij twee zussen had, waarbij hij, in latere jaren, zijn vakanties doorbracht: één in de pastoor Ha-betsstraat te Maastricht en de ander in de Put¬straat te Amsten¬rade.

Opleiding.

Hoeveel jaren lagere school opleiding hij genoten heeft, is niet bekend (de leerplichtwet was nog niet ingevoerd). Hij kwam naar Cadier en Keer en volgde op dit missiecol¬lege enkele jaren middelbaar onderwijs. Tussen 1905 en 1909 heeft hij daar, met veel moeite, de eerste drie jaar van de vijfja¬rige oplei¬ding doorlopen. Toen is hij ermee gestopt, doch heeft zijn roeping niet opge¬geven. Hij besloot broeder te worden binnen dezelfde Soci¬teit. Hij vertrok naar Chanly in België en maakte daar zijn noviciaat. Op 13 oktober 1913 legde hij, samen met broe¬der Augusti¬nus Bérière uit Maastricht, zijn tijdelijke eed van verbinte-nis aan de Sociëteit af.

Missionaris.

Na de eedaflegging werd hij benoemd voor Cours Gambetta te Lyon, toentertijd het moederhuis en grootseminarie van de Sociëteit. Daar heeft hij zich verdienstelijk gemaakt met huishoudelijk werk. In zijn vrije tijd legde hij zich toe op zijn hobby, het repareren van uurwerken, waarin hij heel vaardig werd.

Na de oorlog kwam eindelijk zijn benoeming voor de missie. Hij werd benoemd voor het St. Lodewijk College te Tantah in Egyp¬te: eerst als leraar rekenkunde en later leraar frans. Hij veran¬derde zijn naam omdat in de franse context Laurent Meer¬tens bijna onuit-spreekbaar was of in elk geval bijna altijd verkeerd uitge¬sproken werd waardoor het een negatieve beteke¬nis kreeg. Het werd 'Frère Jean Mertens' en als zodanig onder¬tekende hij ook zijn corres¬pon¬dentie.

Werkend in het missiegebied van de provincie van Lyon, had hij nauwelijks contact met de nederlandse provincie. Vanaf stu¬dentje te Cadier en Keer, en daarna Chanly, Lyon en Tantah had hij frans gesproken, zodat hij totaal verfranst was.
Zijn bijdrage aan het franse onderwijs werd door de franse regering erkend door hem in 1950 te benoemen tot "Chevalier dans l'Ordre des Palmes Académiques".

Nederlands kende hij nauwelijks: zijn moedertaal was limburgs en dat sprak hij als hij van juni tot september in de jaren 1925, 1930, 1935, 1939, 1947, 1950, 1954 en 1958 op vakantie kwam naar Limburg bij een van zijn zussen. Op 29 juni 1954 schreef hij aan de provinciaal te Oosterbeek:
"Depuis mon arrivée en Hollande, je me trouve à Maes¬tricht ou à Amstenrade chez mes soeurs pour passer les vacances. Je compte vous faire une visite vendredi le 2 Juillet. Je partirai de Maestricht par le train de 8h.23. J'en profiterai également pour toucher la pension ali¬mentaire selon les indications qui me sont données par notre visiteur le Rev. Père Hubert. Cela me donnera également l'occasion de sortir du Limbourg pour avoir une idée de la vraie Hollande.
Je vous transmets également les salutations du très Rév. Père Provincial de Lyon ainsi que celles du Rév. Père ter Linden".

Tijdens zijn vakantie in 1958 moest Frère Jean opgenomen worden in het ziekenhuis te Maastricht voor een breukoperatie. Hij ging terug naar Egypte, doch een jaar later, in juni 1959, kwam hij terug naar Nederland. Even is nog overwogen hem te benoe¬men als surveil-lant te Cadier en Keer. Provinciaal Flo¬rack schreef hem:
"Volgens afspraak heb ik zowel in Keer als in Oosterbeek over uw toekomstige werkkring gesproken. In Keer was men van mening, dat surveillance bij onze Hollandse jongens, zoals zij tegenwoordig zijn, wel erg zwaar voor u zou zijn. Daarentegen wil pater Eerden u zeer graag hebben als medewerker in de administratie hier in Oosterbeek. Hij heeft werk in overvloed, dat u rustig op uw kamer kunt doen. .....
Wanneer ik in het land ben, zal ik u wel brengen met de auto; dan kunt u meteen het een en ander meenemen".

Het antwoord hierop was:
"Je suis d'accord avec vous en ce qui concerne le travail que vous me proposez. Vu mon âge et les nombreuses années que j'ai passées dans l'enseignement, je crois que c'est ce genre de travail en chambre qui me convient le mieux ...¬.. Pour tout bagage, je n'ai que deux valises".

Op 19 september 1960 kwam hij op 69-jarige leeftijd naar Oosterbeek. In het begin sprak hij alleen maar frans. Later rolden er steeds meer limburgse woorden doorheen. De bewoners namen dat van hem. Hij was een lief mens, altijd gedienstig en vol humor op zijn manier. Deze kleine, rustige man was boven¬dien diep godsdienstig. Hij leefde er tevreden. Aan Jan ter Linden, waarmee hij in Egypte samengewerkt had, schreef hij vanuit Oosterbeek:
"On est bien ici; j'ai trouvé d'excellents confrères".

Broeder Meertens kreeg echter nog geen ouderdomspensioen. Pas in juni 1965 schreef de Raad van Arbeid te Arnhem aan de heer Meertens:
"- overwegende, dat aanvrager op 13 maart 1956 de 65-jarige leeftijd heeft bereikt;
- overwegende dat hij op 18 juni 1965 gedurende zes jaren na zijn 59e jaar in Nederland heeft gewoond, en derhal¬ve met ingang van 18 juni 1965 voldoet aan de wettelijke voorwaarden voor het recht op ouder¬domspensioen krachtens deze Wet;
- kent hem met ingang van 1 juni 1965 een pensioen toe van f. 2628,- per jaar".
De Sociëteit heeft niet lang van deze bijdrage mogen profite¬ren.

Gestorven.

Op 23 oktober 1966 werd hij te Oosterbeek dicht bij Huize Tafelberg op de kruising Utrechtseweg - Pietersbergseweg door een bestelwagen aangereden. Aan de gevolgen hiervan overleed hij veertien dagen later, op 6 november 1966, in het St. Elisabeth-ziekenhuis te Arnhem. Frère Jean was toen 75 jaar oud. Op woensdag 9 november 1966 werd hij, na een plechtige uitvaartdienst in de kapel van het missiehuis te Cadier en Keer, aldaar op het kerkhof begraven.

Bronnen:
- Archief Nederl. Provincie S.M.A., Cadier en Keer.
- Afrikaansch Missieklokje 1938, pg. 151;
- J. ter Linden in 'Onze Krant' 1963, dec. 1966;
- J. v.d. Kooij in 'Afrika Ontwaakt' 1967, pg. 51.