Imprimer

Société des Missions Africaines –Province de Hollande

WOUTERS Matthieu né le 3 juin 1883 à Amsterdam
dans le diocèse de Haarlem (Hollande)
membre de la SMA le 4 juin 1904
prêtre le 8 octobre 1905
décédé le 13 mars 1962

1906-1932 missionnaire au Nigeria 
avec quelques années en Hollande
1930 visiteur des confrères
1932-1937 conseiller provincial
1938-1957 missionnaire au Ghana
1938-1948 visiteur des confrères
1957-1962 retiré à Oosterbeek

décédé à Arnhem, Hollande, le 13 mars 1962,
à l'âge de 79 ans


Le père Mathieu WOUTERS (1883 - 1962)

Le 13 mars 1962, à l'hôpital Sainte-Elisabeth à Arnhem (Hollande), retour à Dieu du père Mathieu Wouters, à l'âge de 79 ans.

Mathieu Wouters est né à Amsterdam, dans le diocèse de Haarlem, en 1883. Il fit ses études à Keer, Richelieu et Lyon. Il fit le serment en 1904 et fut ordonné prêtre en 1905. En octobre 1905, le père Wouters allait à Cork et, en mars 1906, s'embarquait pour le vicariat de la Côte du Bénin où il devait travailler jusqu'en 1932, sauf une année (1920-1921) qu'il passera comme supérieur à Blitterswujk (maison des frères en Hollande). Il fut un de nos grands missionnaires: "un grand petit bonhomme infatigable, un des meilleurs missionnaires, sans aucune prétention ou ambition personnelle." Doué d'une grande activité, d'un excellent jugement, très zélé et dévoué, homme d'ordre et d'organisation, il fit au Bénin un travail magnifique. Il travailla à Lagos et Abeokuta et fut un des fondateurs des missions de l'Ekiti. Le père Wouters a vu, dès le début de sa vie missionnaire, qu'il fallait avoir un système unique de travail missionnaire. Il fut un des premiers, dans la Société et en Afrique, à lancer le système des stations principales aux endroits stratégiques. Il travaillait tourné vers l'avenir et choisissait l'emplacement d'une station en fonction de son importance présente, mais aussi de ce qu'elle était appelée à devenir.

D'une grande simplicité et humilité, il ne cherchait pas à paraître, mais à faire œuvre utile. En 1930, le père Wouters était nommé visiteur et, en 1931, Mgr O'Rourke en faisait son vicaire délégué. Mais on pensait aussi à lui en Europe. En 1932, le père Wouters était élu conseiller provincial, poste qu'il devait garder jusqu'en 1938. Au cours de ces six années, il sera directeur spirituel à Bemelen, Hastings et Nieuw-Herlaer.

En 1938, le père reprenait le chemin de l'Afrique, mais cette fois pour le vicariat de la Côte-de-l'Or. Visiteur de 1938 à 1948, il fut supérieur du séminaire d'Amisano de 1938 à 1941, puis directeur de ce séminaire de 1951 à 1955. Entre temps, il travailla en station, en particulier à Elmina. En Côte-de-l'Or, comme au Bénin, le père Wouters se montra grand et zélé missionnaire.

En 1857, complètement épuisé au service de l'Afrique, le père Wouters retournait définitivement en Europe et se retirait à Oosterbeek. Il venait d'être transporté dans une clinique d'Arnhem, quand Dieu le rappela à lui. Le père Wouters fut inhumé à Keer.


Pater Matthieu WOUTERS (1883 - 1962)

Afkomst.

Mattheus Petrus Wouters, zoon van Gerardus Wouters en Johanna Jacoba Wanders, werd geboren te Amsterdam op 3 juni 1883. Hij had slechts één zus, Theresia, geboren in 1888, het jaar waarin hun vader stierf. Via Den Haag vestigde moeder zich daarna in Apeldoorn. Zij stierf in 1937.

Zus Treesje.

Haar dochter Trees¬je, zoals ze gewoonlijk genoemd werd, nam het winkeltje van religieuze artikelen over in de Hoofd¬str¬aat te Apeldoorn, dat haar moeder in 1913 gekocht had. Na de dood van haar broer in 1962 verkocht mevrouw Trees Wouters haar bezit ten gunste van de S.M.¬A., en bracht haar oude dag door in een bejaarden¬huis te Valkenburg en later in het bejaarden¬huis 'Panhuys' te Huls¬berg, waar pater Louis Moonen S.M.A., een goede bekende van haar en beheerder van haar bezit, rector was. Daar is ze ook overle¬den op 5 oktober 1979. Ze is begra¬ven temidden van de paters op ons missiona¬rissenkerk¬hof te Cadier en Keer, waar ook haar broer begraven ligt.

Opleiding.

Van 1887 tot 1896 doorliep Matthieu de bewaarschool en de lagere school te Amsterdam, Den Haag en Apeldoorn. Van 1896 tot 1899 was hij in Cadier en Keer en vervolgde het klein- seminarie te Clermont-Ferrand in Frankrijk van 1899 tot 1901. De hogere studies maakte hij in Lyon: één jaar philosophie en drie jaar theologie volgens de toenmalige normen. Op 4 juni 1904 werd hij lid van de Sociëteit voor Afrikaanse Missiën door het afleggen van de eed.Op 8 oktober 1905 werd hij te Lyon door de algemeen overste Mgr. Pellet priester gewijd.

Missionaris.

Thuis heette hij Tijs, officieel was het Matthieu, maar onder collega's werd hij al spoedig 'de kleine man' genoemd vanwege zijn li¬chaamsbouw. Wij houden hem echter in herinnering als een groot en veelzijdig missionaris.
Tijs was bestemd voor de missie in Nigeria en hij ging daarom, na zijn franse opleiding, eerst een half jaar naar Cork om zich wat te bekwamen in de engelse taal.

Van 1906 tot 1932 was hij missionaris in Nigeria met een verlengde vakantie in 1919 - 1920 toen hij een jaar overste is geweest in het aangekochte huis voor broederopleiding te Blitterswijck. Als één van de eersten heeft hij zich sterk gemaakt voor het openen van hoofdstaties op plaatsen van strategische ligging. Ook was hij de grote promotor van het openen van missieposten in de dorpen daaromheen: de buiten¬sta¬ties. Pater Wouters was er trots op dat hij als eerste de fiets in Nigeria binnenbracht.
Later bezocht hij zijn bui¬tenstaties per motorfiets.
"Zonder op de voorgrond te treden, was pater Wouters in alles haantje de voorste!"
Dit schreef pater J. van de Kooij in zijn 'in memoriam' over deze plichtsgetrouwe, belang-stellende, humoristische doch sobere missionaris, die missi¬onair actief was in de gebieden van Ijebu, Ode, Ondo en Ekiti, waar hij in 1916 de eerste overste werd van het Ado-Ekiti district.

Père N. Douau, in zijn 'Biographies Missions Africaines' typeert pater Wouters als volgt:
"Il fut un de nos grands missionnaires: 'Un grand petit bonhomme infatigable, un des meilleurs missionnaires, sans aucune prétention ou ambition personnelle'. Doué d'une grande activité, d'un excellent jugement, trés zélé et dévoué, homme d'ordre et d'organisation, il fit au Bénin un magnifique travail".

Na Blitterswijck was pater Wouters achtereen¬volgens te Oshog¬bo-Ebute Meta, waar hij een drukkerij begon, te Ondo, waar hij begon met de bouw van missiehuis en kerk, en te Abeokuta, waar hij zijn zilveren priesterjubileum vierde. Hij was toen tevens 'Visitator' (Sociëteits-overste). Met pater Laugel schreef hij een "Manuel for catechists and teachers". Tijdens zijn vakan¬tie in Nederland gaf hij nog wat les aan de voorber¬eiden¬de klas te Nieuw-Herlaer. In Nigeria nam hij als 'Vicar-dele¬gate' over van Mgr. O'Rour¬ke, bisschop van Lagos, tijdens diens afwezig¬heid in 1931 - 1932. Daarna ging pater Wouters zelf op vakantie in oktober 1932, maar ... kwam niet terug naar Nige¬ri¬a. De nederlandse provincie was zelfstandig en had haar eigen missiegebied! Doch ook het thuisfront had krachten nodig.

Raadslid.

Pater Wouters was nauwelijks thuis of hij kreeg te horen, dat provin¬ciaal Paulissen benoemd was tot bisschop van Kumasi, waardoor een vacature ontstond in het provinciaal bestuur. Pater Matthieu Wouters werd het nieuw benoemd bestuurslid. Hij resideerde te Hastings in Engeland waar hij op het seminarie tevens geestelijke leider werd en professor in kerkgeschiede¬nis. Daarnaast haalde hij aan de universiteit van Londen in 1937 het "Certificate of proficiency in English".

Na de dood van pater Bernard van Leeuwen, vroeg Mgr. Herman om pater Wouters, die hij vanuit Nigeria goed kende:
"Envoyez nous un Père âgé comme Visiteur qui peut avoir de l'autorité. Ici aucun n'aura cette autorité. C'est un homme comme le Père Wouters qu'il nous faut".
Provinciaal Mouren liet pater Wouters zelfs weten, dat Mgr. Herman, die met grote interne spanningen en financiële moei¬lijk¬heden in het vicariaat zat, zelfs overwoog om Rome zijn ontslag aan te bieden om de weg vrij te maken voor de benoe¬ming van een neder¬landse bisschop: aan die S.M.A. provincie was immers dit vicariaat van de Beneden Volta toevertrouwd, doch de bisschop was een Elzasser.
Provinciaal Mouren schreef:
"U ziet de bedoeling van Mgr. Herman: hij zou u graag hebben, eerst als Visiteur en daarna misschien als opvol¬ger. Ook voor de confraters van de Beneden Volta zou dit een grote aanmoediging zijn. Wat denkt u er zelf van? Ik laat u natuurlijk geheel en al vrij".
Wel voegt provinciaal Mouren er nog aan toe:
"Als ik oprecht mijn mening mag uitspreken, zeg ik rond¬uit: ik ben van mening dat dit vrijwel de enige kans voor u is om nog naar de missie terug te keren. Na afloop van de geregelde tijd van uw mandaat als raadslid, in 1937, zal er zeer weinig kans bestaan, en helemaal geen om terug te gaan naar Nigeria, dat buiten het territorium van de Provincie ligt".
Per kerende post kwam het antwoord: pater Wouters wees dit voorstel resoluut van de hand.
"Ik dank u voor uw brief met het voorstel. Daar u me echter "geheel en al" vrij laat, sla ik het beslist af. Ik zou graag in mijn missie terug zijn, zowel om de kristenen als om de confraters".

Na de Provinciale vergadering van 1937 werd pater Matthieu Wouters benoemd tot geestelijke leider van het kleinseminarie Nieuw-Herlaer.

Terug naar Afrika.

Mgr. Porter van Cape Coast deed na de provinciale vergadering vanuit Engeland een dringend appèl op de nieuwe provinciaal om stafleden voor het seminarie. Provinciaal ten Have be¬loof¬de 5 á 6 van de volgende nieuwgewijden. Doch dat zou nog meer dan een jaar duren voordat die beschikbaar waren. Boven¬dien had John van Heesewijk rust nodig, Strebler werd be¬noemd tot Prefect van Sokodé en Acker werd gekozen als bestuurs¬lid in de Elzas. Provinciaal ten Have stelde zijn voorganger, pater Dr. J. Mouren voor als mogelijke vervanging van J. van Heesewijk op het seminarie te Amisano. Mgr. Porter vroeg advies aan zijn raad en de seminaries¬taf van Amisano. Het telegram van ant¬woord luidde:
"Wouters senior suggested".

Op 6 april 1938 werd pater Matthieu Wouters benoemd tot S.M.A. Visit¬ator van het Goudkust vicariaat. Op 31 mei 1938 vertrok hij naar de Goudkust om daar zijn tweede missionair leven te beginnen. Hij ging naar Amisano waar hij als overste en eco¬noom overnam van John van Heesewijk, in welke functies hij drie jaar bleef.

In 1941 ging hij naar de onlangs door pater Jacques van Leuven geopende statie van Asafo in het Sehwi district. In 1942 volgde zijn benoeming als pastoor van Assin-Foso. Dit was de tijd van expansie van de scholen. Overal in het binnen¬land werden schooltjes geopend. Eén van de moeilijkheden was dik¬wijls om goede staf te krijgen. Goed gekwalificeerde onder-wijzers verkozen dikwijls de stad boven het platteland. Pater Wouters heeft in Foso een aantal eenvoudige cementen onderwij¬zerswo¬nin¬gen laten bouwen dicht bij de school. Hierin te wonen gaf hen meer aanzien dan verblijf in lemen hutten. Het was bovendien praktisch hen dicht bij kerk en school te hebben. Ook beheerde pater Wouters tijdens de oorlog het centrale radio distributie systeem, wat voor de dorpsgemeenschap op het schoolplein te beluisteren was. Zijn 40-jarig priesterfeest werd in Foso groots gevierd.

In 1946 ging hij op vakantie. Hij was gekozen om de missiona¬rissen te vertegenwoordigen als hun afgevaardigde op de pro¬vinciale en alge¬mene vergadering van de S.M.A. Onder de vakan¬tie had hij in een schrij¬ven aan het provinciaal bestuur zijn voorkeur voor de missie van Nigeria uitgespro¬ken en een ver¬zoek daarvoor, met redenen omkleed, aan hen voorge-legd "nu mijn tijd als 'Visi¬tor' in de Goudkust verstreken is". Doch het bestuur ging daar niet op in en zo kwam hij in 1947 terug naar Ghana.

Pastoor van Elmina was de nieuwe benoeming voor 'de kleine man', zoals hij nu praktisch algemeen genoemd werd. Na zijn vakantie, in 1951, werd hij opnieuw benoemd voor het seminarie te Amisa¬no, nu als geestelijke leider. Tijdens zijn vakantie in 1954 bracht hij een bezoek aan het seminarie te Aalbeek. In een lezing aan de seminaristen, soms ietwat stamelend in woordgebruik, doch vol overtuiging, met fonkelende ogen en met lichte humor, hoor ik hem nog zeggen:
"T ..t..toen ik voor het eerst naar A..Afrika vertrok.... - jul ...jullie moeders waren nog niet geboren - etc".

De onafhankelijkheid van de Goudkust op 6 maart 1957 heeft hij nog mogen meemaken. Hij wilde dit beslist, ofschoon de ver¬schijnselen van de Parkinson ziekte al zichtbaar aanwezig waren. Ook was hij, in zijn laatste maand van missionaire aanwezigheid in Afrika, aanwezig bij de benoeming van de eerste Ghanese bisschop en medestaflid op het seminarie te Amisano, John Kodwo Amissah. Daarna kwam hij naar Winneba, en wilde nog eenmaal Accra zien met de versieringen, het Onafhan¬kelijkheidsplein en de Vrijheidspoort. Regionaal Goot¬zen heeft hem rondgereden. De 3de april 1957 is hij, bewogen, naar huis gevlogen.

Gestorven.

In huize Tafelberg te Oosterbeek bracht pater Matthieu Wouters zijn laatste jaren door. Ondanks zijn handicap, ten gevolge van zijn ziekte, heeft hij steeds zichzelf weten te behel-pen, - hij wilde niet anders -, totdat een hersenbloeding het einde nader bracht. Op 13 maart 1962 is hij in het St. Elisa¬beth ziekenhuis te Arnhem over¬leden in zijn 79ste levensjaar.
De uitvaartdienst vond plaats in het missiehuis te Cadier en Keer, waar hij de 16de maart 1962 op het nieuwe kerkhof is begraven.

Bronnen:
- Archief Nederl. Provincie S.M.A., Cadier en Keer.
- N. Douau: Biographies Missions Africaines 13.03.1962.
- J. van Brakel: In de voetsporen van St. Servaas Mgr. H. Paulissen S.M.A. , pg. 38.
- Tijdschrift Afrika Ontwaakt, jrg. 1938, pg. 79; jrg. 1955, pg. 217; jrg. 1962, pg. 52.
- J. van Brakel: S.M.A. Missionary Presence in the Gold Coast (Ghana), vol. IV, pg. 118, 156, 185
- KDC = Katholiek Documentatie Centrum, Nymegen (KLiB-KUN).